Trump is honderd dagen president van de Verenigde Staten. Een enorme breuk met het verleden in de grootste economie ter wereld. En niet alleen omarmt hij het dogmatische ‘America First’, Trump schikt zich ook in een nieuw geopolitiek denken waarbij hij opvallend veel gelijkenissen vertoont met Poetin: Trumptinisme.
De Zweedse beursanalist Marcus Widen lanceerde onlangs het woord ‘Trumpcession’. Trump’s beleid levert geen economische voorspoed of lagere inflatie op zoals beloofd tijdens zijn campagne, maar resulteert juist in lagere groei en hogere inflatie. Nieuwe cijfers van de OESO tonen aan dat de agressieve handelspolitiek van Trump de wereldwijde economie op een traject zet van tragere groei en hogere inflatiecijfers, waarbij vooral landen die nu al in het oog van de storm zitten, zoals Canada en Mexico, de economie zullen afremmen. We zien bovendien in de VS een dalend consumentenvertrouwen, een verslechterende arbeidsmarkt, onzekerheid, instabiliteit, chaos, een dalende dollar, scherp zakkende beurzen en een krimpende approval rate bij de eigen bevolking. ‘Joe Sixpack’ wordt meteen het hardst getroffen door de eerste maanden van de vernieuwde Trump-administratie.
Deze uitkomsten zijn niet verrassend. Populistische partijen winnen wereldwijd terrein. Hun schijnbaar eenvoudige antwoorden spreken tijdens verkiezingen een steeds breder publiek aan, maar leveren op economisch vlak zelden de beloofde resultaten op. Onderzoek van het Kiel Instituut, identificeerde 51 populistische leiders over het hele links-rechts spectrum in de periode 1900–2020 en concludeerde dat de economische resultaten van populisme op de middellange termijn tegenvielen. Na 15 jaar lag de economische activiteit per hoofd in deze landen 10% lager dan in een alternatief scenario zonder populistische leiders. Op Belgisch niveau zou dit neerkomen op een verlies van 60 miljard euro. Naast het verlies aan economische activiteit steeg de ongelijkheid, nam de overheidsschuld toe en verminderde de internationale handel. En laat dit nu ook duidelijk het geval zijn in Rusland, ondanks de eerste moderniseringsgolf eind de jaren negentig. Over diverse landen, periodes en beleidsstrekkingen levert populistisch beleid dus overduidelijk tegenvallende resultaten op.
Het geopolitieke denken van Trump en Poetin kent verder nog opvallende overeenkomsten. Beiden hebben ze een afkeer van de Europese Unie en multilateralisme. Ze geven immers de voorkeur bilaterale contacten waarbij hun machiavellistische verdeel-en-heersstrategieën makkelijker toepasbaar zijn dan bij samenwerkende blokken die een tegenmacht kunnen vormen. Ze koesteren beiden diepgewortelde wrok tegen de EU omdat Europese landen alleen door samen te werken een antwoord kunnen geven op de grillen en agressies van beide heren.
Beiden smullen bovendien van autoritair leiderschap. Ze steken hun bewondering voor de Chinese Xi Jinping en de Noord-Koreaanse Kim Jong-Un niet onder stoelen of banken. Bovendien manipuleren ze graag verkiezingen in andere landen om deze te destabiliseren. Trump’s handlanger Elon Musk voerde zelfs actief campagne voor de Duitse AfD, terwijl Poetin hetzelfde deed via trollen op sociale media.
Nog een opmerkelijke gelijkenis, is hun voorkeur voor oligarchische vrienden boven een gedegen overheidsadministratie. Gewone burgers worden ondergeschikt aan hun rijke vrienden, oligarchen of Big Tech-bazen. Daarbij voeren ze ook een beleid dat inflatie aanwakkert en economische groei belemmert. Economische resultaten moeten plaatsmaken voor geopolitiek, of beter gezegd: ego-politiek, een beleid waar ze vooral zélf beter van worden.
Ook worden belangrijke vrijheden aan banden gelegd: de academische vrijheden aan universiteiten worden ingeperkt op straffe van het afnemen van subsidies, journalisten wordt het werk onmogelijk gemaakt en rechters worden geïntimideerd. De rechtstaat verdampt en niemand lijkt hen te kunnen overtuigen van hun ongelijk.
Tenslotte dragen ze allebei een zeer expansionistische visie uit: Poetin ziet Oekraïne als deel van zijn groot-Russische droom en Trump vindt dat Canada, Groenland en het Panamakanaal de Verenigde Staten toekomt.
De overeenkomsten tussen Trump en Poetin zijn dus legio. En dat laat zich vangen in het porte-manteauwoord ‘Trumptinisme’, een nieuw geopolitiek denken dat zich kenmerkt door een sterke afkeer van multilateralisme, de voorkeur voor autoritair leiderschap en een expansionistische visie op hun landsgrenzen. Leiders onder dit gedachtegoed proberen actief invloed uit te oefenen op buitenlandse verkiezingen, plaatsen de belangen van rijke vrienden, oligarchen en Big Tech boven die van de gewone burger, leggen pers- en academische vrijheden aan banden en tonen geen respect voor de rechtsstaat. De focus ligt op ego-politiek, waarbij persoonlijke en geopolitieke belangen zwaarder wegen dan economische groei en stabiliteit, wat resulteert in lagere groei, hogere inflatie en bredere maatschappelijke schade.
Het grote gevaar is dat dit Trumptinisme steeds meer aanhangers lijkt te vinden in andere landen, met Jan Modaal als eerste slachtoffer. De gewone man betaalt hierbij het gelach, zoveel is duidelijk. Laat ons daar vooral waakzaam voor blijven in de 1360 dagen Trump die er nog aankomen.