Het Europees Parlement keurde de resolutie goed over energie-intensieve industrieën (EII’s). Daarmee geven we een krachtig signaal: Europa moet investeren in de toekomst van zijn energie-intensieve sectoren met duidelijke en voorspelbare regels, een assertief handelsbeleid en stabiele energieprijzen.
Deze resolutie, waarvoor ik als hoofdonderhandelaar namens de EVP-fractie mocht optreden, wil een antwoord bieden op de groeiende druk waarmee onze energie-intensieve sectoren vandaag mee geconfronteerd worden: torenhoge energieprijzen, stevige CO₂-kosten, en oneerlijke concurrentie uit Azië. Nochtans zijn dit sectoren die duizenden jobs creëren, de basis vormen van tal van andere productieprocessen, en van cruciaal belang zijn voor onze strategische autonomie.
Energie-intensieve industrieën (EIIs) omvatten sectoren zoals staal, cement, kalk, chemie, aluminium, keramiek, glas, papier en pulp. Samen zijn ze verantwoordelijk voor ongeveer 19% van de broeikasgasuitstoot van de EU en verbruiken ze meer dan de helft van de industriële energie in Europa. Ze vormen een essentiële schakel in onze industriële waardeketens én in de groene transitie. Tegelijk is verduurzaming in deze sectoren vandaag vaak nog moeilijk, door hoge investeringskosten, lage technologische rijpheid en het feit dat veel uitstoot inherent is aan het productieproces. Denk bijvoorbeeld aan groene waterstof, die voorlopig nog niet beschikbaar en betaalbaar genoeg is.
“Energie-intensieve sectoren zijn goed voor 19% van de EU-uitstoot van broeikasgassen en verbruiken meer dan de helft van alle industriële energie. Als we onze klimaatdoelen willen bereiken, is het dus essentieel om hen te ondersteunen in de groene transitie. Het alternatief is dat ze wegtrekken naar landen met minder strikte klimaatregels, met alle gevolgen van dien voor onze jobs en het klimaat.”
— Wouter Beke, hoofdonderhandelaar namens de EVP-fractie
De alarmsignalen zijn niet te missen
Tien jaar geleden exporteerde de EU nog 15 miljoen ton staal, vandaag importeren we er 10 miljoen.
In Antwerpen draaien chemische installaties op hun laagste punt sinds begin jaren 1980.
In België verdwenen vorig jaar 9400 industriële jobs.
BASF en ArcelorMittal zetten miljardeninvesteringen on hold, essentieel voor hun toekomstige verankering.
De malaise in de energie-intensieve industrie is duidelijk voelbaar. Tijdens gesprekken met sectorleiders hoor ik telkens opnieuw hoe ernstig de situatie is. Zo gaf de topman van ArcelorMittal in Gent aan dat er vandaag gewoon geen businesscase meer mogelijk is. En ook bij Aperam in Genk, een sterk en gezond bedrijf, voelen ze de moordende concurrentie uit Azië. Eén op de vijf Vlaamse energie-intensieve bedrijven overweegt in de komende zes maanden te herstructureren.
Oneerlijke concurrentie en importdruk
Op 3 april 2025 kondigde president Trump nieuwe invoertarieven aan. Die zullen ertoe leiden dat nog meer goedkope, vaak vervuilender geproduceerde producten zoals Chinees staal hun weg vinden naar de Europese markt. Volgens de OESO bedraagt de wereldwijde overcapaciteit in staalproductie 600 miljoen ton, goed voor 275% van de totale EU-capaciteit. Als we geen extra handelsbeschermingsmaatregelen nemen, zetten we onze industrie op achterstand. Daarom vraagt deze resolutie om een versterking van het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM), om omzeiling en resource shuffling tegen te gaan. Ook roepen we op tot uitbreiding van het mechanisme naar andere sectoren en downstream producten, en vragen we een oplossing voor exporterende Europese bedrijven.
De Europese Commissie en de Clean Industrial Deal
Onze resolutie werd opgesteld nog voor de publicatie van de Clean Industrial Deal en het Action Plan on Affordable Energy van de Europese Commissie. Toch vullen beide plannen elkaar aan. Waar de Commissie het pad uittekent, maken wij vanuit het Parlement duidelijk waar politieke meerderheden liggen en waar de industrie op korte termijn nood aan heeft.
- Versnelde vergunningen: We vragen de Commissie om werk te maken van snellere en realistischere vergunningstrajecten, met aandacht voor de regionale context. In Vlaanderen botsen veel projecten vandaag op Europese milieuwetgeving. Denk aan netversterking, windmolens of hernieuwbare productiecapaciteit. Zonder oplossingen voor deze knelpunten blijven noodzakelijke transitieprojecten geblokkeerd.
- Technologieneutraliteit: We willen álle technologieën de ruimte geven die bijdragen aan een klimaatneutrale industrie. Dat betekent dus niet alleen hernieuwbare energie, maar ook kernenergie, waterstof en CO₂-opvang en -hergebruik. In plaats van te focussen op één oplossing, kiezen we voor een brede en haalbare aanpak.
- Hoge energieprijzen aanpakken: De energieprijs blijft een grote zorg voor onze bedrijven. We vragen daarom om de hervorming van de elektriciteitsmarkt sneller in te voeren, met ondersteuning voor langetermijncontracten zoals PPAs en CfDs, en met garanties vanuit bijvoorbeeld de EIB. We pleiten voor minder taksen en heffingen, meer samenwerking tussen lidstaten rond netwerktarieven en meer investeringen in flexibiliteit en grensoverschrijdende netten.
- Eerlijke concurrentie: We moeten onze industrie beschermen tegen oneerlijke praktijken. Daarom vragen we een robuust en sluitend CBAM en het volledige gebruik van handelsinstrumenten, zeker voor sectoren als staal, aluminium en roestvrij staal. We dringen aan op een structurele aanpak van overcapaciteit en willen dat de huidige staalbeschermingsmaatregelen niet zomaar aflopen in 2026.
Daarnaast benadrukken we het belang van strategische grondstoffen. De Commissie moet werk maken van exportmonitoring voor materialen zoals schroot, en nagaan of tijdelijke exportrestricties nodig zijn. We vragen ook om bureaucratische processen te vereenvoudigen, zodat privé-investeringen sneller hun weg vinden naar duurzame innovatie.
Vergunningen, infrastructuur en financiering
Vlaanderen ondervindt al langer de gevolgen van Europese regels zoals Natura2000 en de Kaderrichtlijn Water. Die belemmeren vaak projecten die in de praktijk bijdragen aan de klimaatdoelstellingen. Daarom vragen we dat strategische afwegingen mogelijk worden en dat er ruimte komt voor tijdelijke afwijkingen, bijvoorbeeld voor netuitbreiding of industriële innovatie.
Ook voor projecten zoals Ventilus of het energie-eiland is Europese steun cruciaal. Elia speelt een voortrekkersrol in het verbinden van energiemarkten, maar kan die verantwoordelijkheid niet alleen dragen. Europa moet mee investeren.
Subsidies en de realiteit van de transitie
We erkennen dat elektrificatie het einddoel is. Maar sommige sectoren kunnen die stap niet van vandaag op morgen zetten. Tijdelijke subsidies voor gasverbruik zijn daarom onvermijdelijk in specifieke situaties. Denk aan prijspieken in sectoren die nu nog niet kunnen elektrificeren. Ook gezamenlijke aankoop van gas en vraagbundeling kunnen helpen om schokken op te vangen.
Nu is het aan de Commissie
Deze resolutie is geen intentieverklaring, maar een werkplan. We leggen concrete vragen op tafel om de drempels voor onze industrie weg te nemen. Als we niets doen, raken we jobs kwijt, verliest Europa economische slagkracht en geven we onze strategische autonomie uit handen.
Willen we echt afhankelijk worden van Chinees staal voor onze defensie? Of van Chinese pesticiden voor onze voedselzekerheid?
De toekomst van onze industrie moet Europees blijven. Het is nu aan de Europese Commissie om in actie te komen, met maatregelen die onze industrie op korte termijn ademruimte geven en op lange termijn richting geven aan hun verduurzaming.